Hondentaal is lichaamstaal is gebarentaal

“Luister, mens, ik leg het je eens even uit…” 🐾

Wij honden zijn dus echte meesters in lichaamstaal. Echt, vergeet het idee dat wij jullie mensen verstaan. Als jij roept: “Nou, kom maar hier dan!”, denk ik meestal: “Oeh, stemmetje klinkt vrolijk, misschien krijg ik een snack.”
Maar wat ik écht begrijp? Jij schudt met dat koekjestasje, je wenkbrauwen gaan omhoog, of je loopt achteruit met je handen wijd. Dát is onze taal.

Wij honden kletsen tenslotte niet met woorden. Geen bla bla, alleen wauw-wauw (en dat is meer voor de lol). Onderling praten we in blikken, staarten, oren en, vooruit… soms een duw met de snuit.

Dus, als jij ook een beetje wilt leren ‘honds’ praten, doe je mij én jezelf een groot plezier. Je kunt zelfs helemaal overstappen op gebaren. Handig, want:

  • Je zegt “Zit” zonder dat je twintig zinnen nodig hebt.
  • Iedereen in het gezin spreekt dezelfde taal (en dus krijg ik geen verwarrende mix van ‘Hier’ en ‘Kom’ en ‘Nu meteen!’).
  • Je kan me op afstand iets laten doen, zelfs als er een grasmaaier bromt of de buurhond weer karaoke geeft.

Even de basics (vanuit mijn hondenbrein):

  • Trainen is gewoon: jij geeft betekenis aan iets dat voor mij eerst compleet nutteloos leek.
  • Begin in een rustige omgeving (want als er eekhoorns zijn… nou ja, succes).
  • Zorg dat ik zelf wíl doen wat jij wilt. Je moet me een beetje ‘verkopen’ waarom het leuk is.

En nu de commando’s in hondenversie (wel eerst oefenen op de oude manier met uiteraard veel brokjes):

  • ‘Nee’
    Gebaar: jouw hand doet alsof ’ie de bek van een andere hond is. Hé, wij doen dat ook bij elkaar! Geen “Nee” vooraf nodig, gewoon hup, gebaar maken.
  • ‘Braaf’ of ‘Goed zo’
    Betekent: I did the thing! Vergeet mijn beloning niet, mens, anders denk ik: “Nou, dan zoek je het de volgende keer zelf maar uit.”
  • ‘Let op’
    Dit is basically: “Kijk me aan, fluffball.” En pas als ik je recht aankijk, zeg jij wat je écht wilt.
  • ‘Hier’
    Gebaar: duim omhoog, vingers naar jou wijzend. Ik kom naar je toe → jij maakt het ‘Braaf’-gebaar → knuffel of snack. Simpel.
  • ‘Blijf’
    Zelfde duim omhoog-gebaar. Jij loopt weg, ik blijf netjes zitten (als ik me kan beheersen). Daarna natuurlijk: braaf-gebaren en snacks.

Kortom: praat met je handen, mens. Want jij mag dan de tong hebben, maar ik ben de échte professional in communiceren zonder woorden. En hoe beter jij hondentaal spreekt, hoe meer koekjes er mijn kant op rollen. Win-win. 🐶✨